Do., 20 Juni 2013 - 06:58:27
Header08.jpg
Home De school Geschiedenis


Jaar 1892


Jaar 1912


Jaar 1916


Jaar 1923


Jaar 1956


Jaar 1968


Jaar 1982-1983


Jaar 1997


Jaar 2005


Jaar 2005

Hoe het begon en hoe het verder ging…. vanaf 1905

Op 11 september 1905 werd het nieuwe zes lokalen tellend schoolgebouw in gebruik genomen. De onderwijzerswoning was waarschijnlijk al op 1 juli 1905 betrokken, dit i.v.m. de huur, die een jaar besloeg, ingaande op 1 juli. Niet alle lokalen werden direct benut; men begon met vijf.

Naast Jacob Scheltens - reeds schoolhoofd vanaf 1 april 1887; hij bleef dit tot 1 september 1915 - waren er nog twee meesters en twee juffen. Samen gaven ze les aan ruim 200 kinderen. Pas in 1919 komt er een zesde leerkracht bij en wordt het laatste lokaal ook in gebruik genomen. In 1929 verschijnt de zevende leerkracht; twee onderwijzers geven dan les in één lokaal. Ook heeft men in dat jaar te kampen met ruimtegebrek door het toenemend aantal kinderen, dat op school komt. Er worden suggesties gedaan om twee lokalen aan te bouwen. Uiteindelijk koos het gemeentebestuur echter voor de bouw van een derde school en wel aan de Duinerlaan (nu Schoollaan), de o.l.s. Paterswolde-Centrum, in de volksmond Centrumschool.

Hoe meer scholen en onderwijzers, hoe belangrijker een evenwichtige verdeling van de leerlingen over de openbare scholen. Door middel van schoolgrenzen probeerde de gemeente door de jaren heen leegloop of overbezetting te voorkomen; deze maatregel stamt al uit 1917. Pas als in de tweede helft van de jaren zeventig zich een structurele daling van het aantal leerlingen voordoet, komt er na veel protest in 1984 een einde aan die situatie. Jarenlang werden er over de grenzen discussies gevoerd, op straat door ouders, tijdens ouderraads- en gemeenteraadsvergaderingen; het was altijd een ‘hot item’! Nu is iedereen vrij om te kiezen naar welke school zijn/ haar kinderen zullen gaan. Op de open dagen van de openbare scholen kan men informatie inwinnen, de school bekijken en met de leerkrachten praten om zo een keuze te maken: op welke school zal het kind het beste passen, waar zullen zij zich het beste ‘thuis’ voelen. Want de schooltijd is en was voor ieder kind een belangrijke en hopelijk een mooie tijd.

Nu - anno 2005 - is, ondanks het feit, dat we een eeuw verder zijn, het uiterlijk van de school nog voor een groot deel authentiek. Toch zijn er wel enkele grote verbouwingen geweest, o.a. in 1950, toen de school van centrale verwarming werd voorzien. Alles werd in mooie warme kleuren geverfd; er kwamen nieuw meubilair, nieuwe gordijnen, nieuwe platen in de lokalen en een ruime betegelde hal. In de gang werden aan weerszijden nieuwe kapstokken met daaronder klompenrekjes aangebracht. En wat voor de kinderen misschien wel het meest plezierige was: het oude plein vóór het pand, voorheen bestaande uit zandgrond met daarop grind, werd vervangen door een nieuw betegeld plein achter het gebouw. Op zaterdag 16 december 1950 vond de feestelijke heropening plaats. De maandag daarop konden de kinderen bezit nemen van hun vernieuwde school.

In de jaren zestig steeg het aantal leerlingen zo sterk, dat er werd besloten om een houten noodlokaal aan de westzijde aan te bouwen. Dit bood maar tijdelijk verlichting, want het aantal leerlingen bleef stijgen in de jaren 1970-1979: ruimtegebrek alom voor 256 leerlingen in het schooljaar 1978 - 1979. De school kreeg de beschikking over enkele houten barakken aan de Schultenweg. Deze waren vrijgekomen door de bouw van de nieuwe MAVO-school. In één van de houten bouwsels werd gymnastiekles gegeven, omdat er ook een tekort aan accommodatie voor deze lessen was. In twee andere lokalen werden de 3de en 4de klas ondergebracht.
Dit alles was maar een noodoplossing; de houten barakken verkeerden in een zeer slechte staat. Zo slecht, dat in oktober 1979 een aantal ouders ertoe overging om het complex één dag te bezetten om zo de eis voor betere voorzieningen en onderhoud kracht bij te zetten. Onder de bezoekers, welke die dag langskwamen, waren ook enkele raadsleden van de gemeente. Deze waren niet op de hoogte van de slechte staat van de barakken. Ook de burgemeester en de onderwijsinspecteur kwamen langs.Naar aanleiding van dit bezoek werd op dezelfde dag om 17.00 uur een commissievergadering in het gemeentehuis belegd. De publieke tribune zat vol met ouders. Door toezeggingen van de burgemeester en de raad werd de bezetting opgeheven.
Na een bezoek aan het Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen in Den Haag door een delegatie van B enW en de oudercommissie werden de barakken opgeknapt. De bezetting leidde er ook toe, dat het college van B en W een klas liet terugplaatsen naar het hoofdgebouw en de woning van meester Feikens liet ontruimen om deze te benutten als lerarenkamer, documentatieruimte en leermiddelenberging. Eén noodlokaal bleef nog tot 1982 aan de Schultenweg in gebruik.

Intussen (1977) was er een plan gemaakt voor verbouw en uitbreiding van de Eelderschool, want ook dit pand voldeed niet meer aan de eisen van de voortschrijdende -moderne- tijd. De hygiënische voorzieningen lieten veel te wensen over en bovendien was er ruimtegebrek. Voor ouderavonden, schoolfeestjes etc. moest men veelal uitwijken naar een andere lokatie, Café Nijdam, niet echt ideaal. Maar door bezuinigingsmaatregelen van de regering en de verwachting, dat het leerlingenaantal zou gaan dalen, verliep de besluitvorming over de verbouwplannen traag.
Pas in maart 1980 kwam, na een aantal wijzigingen van de plannen, de goedkeuring door de gemeenteraad. Ook de minister verleende toestemming voor de uitbreiding en verbetering van de school.Dit hield in, dat er een gemeenschapsruimte, een documentatieruimte, een permanent leslokaal, een hoofd- en een personeelskamer en een toilettenpartij bij zouden komen. Verder mocht het bestaande gebouw worden aangepast en geïsoleerd.
Door bezuinigingen en een dalend leerlingenaantal kwam het echter niet zover. Wel werd in 1982 de oliegestookte ketel van de centrale verwarming vervangen door een op gas gestookte. In 1985 vond eindelijk een verbouwing op kleine schaal plaats. De toiletten werden ingrijpend vernieuwd, het noodlokaal werd gesloopt en op zolder werd een ruime leermiddelenberging gecreëerd. Er kwam nieuw meubilair voor de personeelskamer, het schoolplein werd opnieuw bestraat en een overdekte rijwielstalling werd geplaatst.

Pas in 1988 werd begonnen met de echte verbouwing; er kwam een gemeenschapsruimte / speellokaal bij. Een lokaal, toiletten, een aparte ingang en hal, een speelplein en bergruimte voor de kleuters, die in augustus 1988 van de kleuterschool De Korenbloem van de Schultenweg erbij zouden komen. Voorts werd het oude meubilair vervangen. Door ouders, leerkrachten en gemeente werd er veel schilder- en timmerwerk verricht. Langs de Eskampenweg kwam riolering en een voetpad. Dit alles ging niet onopgemerkt voorbij. Voor de eerste steenlegging, op 4 juni 1988, had men de oudste oud-leerling tot dan, mevrouw Arends-Brookman, uitgenodigd. Samen met haar neef legde zij met wat hulp van Rijk van Bochove, voorzitter van de ouderraad, de eerste steen. Op 23 maart 1989 vond de officiële (her)opening plaats. De oudste en de jongste leerling van dat moment, Francisca Nijdam en Hanneke Poelmans, onthulden het nieuwe vignet van de vernieuwde basisschool.

Daltonschool

Sinds 15 augustus 1997 heet de Eelderschool officiëel O.B.S. Eelde Daltonschool. Deze naam verwijst naar de manier van onderwijs, dat hier wordt gegeven. Het Daltononderwijs komt uit Amerika, waar aan het begin van de vorige eeuw in Wisconsin een jonge Amerikaanse onderwijzeres benoemd werd aan een eenmansschool. Hierop zaten 40 kinderen van 6 tot 12 jaar. Zij stond meteen voor de vraag: “Hoe pak ik dit aan?” Hier en op een school voor gehandicapte jongens, waar zij later gaat werken, kiest Helen Parkhurst (1887-1973) niet voor de gebruikelijke klassikale instructie, maar voor een geheel eigen aanpak. Zij wil een school, waar ‘het leren voor het leven’ inhoudt: laat ieder kind in zijn waarde, waarbij het goed wordt voorbereid op zijn rol in de samenleving. In deze aanpak staan drie principes centraal: vrijheid /verantwoordelijkheid, zelfstandigheid en samenwerken. Haar aanpak trekt alom belangstelling; zo wordt zij ook gevraagd om in Dalton haar ideeën in praktijk te brengen. Naar dit plaatsje heeft zij haar werkwijze vernoemd.